Open Universiteit
   About DSpace Software Open Universiteit border=

DSpace at Open Universiteit >
l. Master Thesis >
- School of Law MSc >

Please use this identifier to cite or link to this item: http://hdl.handle.net/1820/1329

Title: De Woningwet 2007, een stelsel dat hinkt op twee gedachten; de bijdrage van de Woningwet 2007 aan de rechtszekerheid van de burger.
Authors: Zeiger, E.A.
Keywords: woningwet
vergunningen
bouwplannen
Issue Date: Jun-2007
Publisher: Open Universiteit Nederland
Abstract: De bescherming van burgers tegen onveilige en ongezonde situaties is een kerntaak van de overheid. Dit is dan ook de grootste drijfveer om regels voor de bebouwde omgeving te stellen. Vanuit verschillende gezichtspunten kan hier naar gekeken worden omdat verschillende zaken hierbij een rol spelen, naast de kerntaken als gezondheid en veiligheid een rol zoals bruikbaarheid, energieverbruik, onderhoud en economie. De hiervoor benodigde technische eisen zijn dan ook vastgelegd evenals de procedures om bouwplannen/vergunningen te verkrijgen. Wat we in Nederland zien is dat de lokale overheid veelal niet in staat is een aanvraag voor een bouwvergunning voor een complex project te beoordelen. Eenvoudige projecten, zoals een dakkapel of een uitbouw, leveren geen problemen op. Vaak worden externe adviseurs ingehuurd om complexe projecten te begeleiden voor zowel tijdens het vergunningstraject als tijdens de uitvoering van het project. De regering heeft met de Woningwet 2007 willen inspelen op de ontwikkelingen in de praktijk. De wijze waarop dit werd gedaan is absoluut in strijd met de rechtszekerheid van de burger. Tijdens de behandeling van het wetsvoorstel in de Tweede Kamer is daar dan ook terecht een punt van gemaakt. De uitkomst van deze discussie is dat de bouwvergunning, net als vroeger, prevaleert. De regering heeft echter een trucje uitgehaald door van de bouwvergunning het predikaat ‘aannemelijkheidstoets’ toe te kennen. Daarmee is de bouwvergunning tot een schijnzekerheid verworden en gedegradeerd tot een verklaring van geen bezwaar. De doelstelling van art. 44 wordt met de Woningwet 2007 miskend. Het stelsel zoals hiervoor uiteengezet is alleen werkbaar wanneer de aanvrager van een bouwvergunning er van uit kan gaan dat hetgeen hij heeft aangevraagd ten volle door B&W aan de geldende voorschriften is getoetst. Dan pas is een activiteit ‘uitdrukkelijk toegestaan’. Wanneer B&W in rechte kunnen stellen dat niet aannemelijk is geworden of bijvoorbeeld een traptree of een spijl aan het Bouwbesluit 2003 voldoet, is het stelsel onwerkbaar. De prevalerende werking gesuggereerd door art. 1b en 7b, is dan een lege huls. De vraag Wat is bouwen conform regels? Kan niet worden beantwoord omdat het wetsvoorstel op twee gedachten hinkt. Aan de ene kant de prevalerende werking van de vergunning, aan de andere de zorgplicht. Zorgplicht als substituut van het Bouwbesluit 2003? Uiteindelijk moet aan het Bouwbesluit 2003 worden voldaan. De tijd zal moeten uitwijzen welke rol de zorgplicht hierin speelt, omdat deze uiterst vaag is geformuleerd. Daarmee neemt de rechtszekerheid die een burger tot dusver ontleent aan de bouwvergunning af, zeker in combinatie met het Bouwbesluit 2003 als algemeen verbindende regel. Het stelsel van de Woningwet 2007 hinkt daarmee op twee gedachten. De bijdrage van de Woningwet 2007 ‘verbetering handhaafbaarheid en handhaving bouwregelgeving’ aan de rechtszekerheid is als negatief in te boeken.
URI: http://hdl.handle.net/1820/1329
Appears in Collections:- School of Law MSc

Files in This Item:

File Description SizeFormat
RWEZeiger2007.pdf395.11 kBAdobe PDFView/Open
View Statistics

Items in DSpace are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.

 

Valid XHTML 1.0! Copyright © 2003 - 2010 Open Universiteit - Feedback