|
DSpace at Open Universiteit >
k. Master Thesis >
School of Law >
Please use this identifier to cite or link to this item:
http://hdl.handle.net/1820/1353
|
| Title: | Aansprakelijkheid van financiële toezichthouders |
| Other Titles: | Is een beperking van de aansprakelijkheid van de prudentiële toezichthouder in het geval van een deconfiture van een financiële onderneming gerechtvaardigd? |
| Authors: | Valentijn, Edmond |
| Keywords: | aansprakelijkheid toezichthouders ondernemingen |
| Issue Date: | Apr-2008 |
| Publisher: | Open Universiteit Nederland |
| Abstract: | Deze scriptie richt zich op de aansprakelijkheid van de toezichthouder op het terrein waar financiële belangen van burgers een rol spelen. Het betreft het toezicht op financiële ondernemingen. Dit toezicht wordt uitgevoerd door de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en de Nederlandsche Bank (DNB). Beiden zijn dus belast met het toezicht op financiële ondernemingen, maar het DNB is belast met het toezicht op de financiële soliditeit van de financiële ondernemingen. Bij de genoemde voorbeelden zou een eventuele vordering tot aansprakelijkheid wegens falend toezicht derhalve ingesteld dienen te worden tegen DNB.
Opmerkelijk aan genoemde vordering tot aansprakelijkheid van de toezichthouder is dat deze aansprakelijk wordt gesteld door derden (de rekeninghouder, polishouder, belegger)
voor een feit waaraan de toezichthouder (op het eerste gezicht) geen schuld heeft, namelijk: de financiële onderneming kan jegens derden niet meer aan zijn verplichtingen voldoen. Strikt genomen is het immers niet de toezichthouder welke de ontstane schade bij derden heeft veroorzaakt, maar de financiële onderneming zelf. De indruk hierbij is dat deze aansprakelijkheidstelling iets onrechtvaardigs heeft: niet de ´primaire dader´ wordt aansprakelijk gesteld, maar de (hooguit) ´secundaire dader´. Of, indien beide aansprakelijk gesteld worden, de toezichthouder wordt feitelijk qua verantwoordelijkheid gelijkgesteld met de onder toezichtstaande onderneming. De vraag hierbij is of dit terecht is, of dat er doorslaggevende redenen zijn om de aansprakelijkheid van de financiële toezichthouder te beperken.
We zien dat DNB belast is met het toezicht op de financiële soliditeit van de financiële ondernemingen. De in de onderzoeksvraag genoemde ‘prudentiële toezichthouder’ betreft derhalve DNB. |
| URI: | http://hdl.handle.net/1820/1353 |
| Appears in Collections: | School of Law
|
Items in DSpace are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.
|