Open Universiteit
   About DSpace Software Open Universiteit border=

DSpace at Open Universiteit >
l. Master Thesis >
- School of Law MSc >

Please use this identifier to cite or link to this item: http://hdl.handle.net/1820/1395

Title: Hoe ver mag je gaan? Waar ligt de grens tussen het rechtmatig en het onrechtmatig gebruik maken van de vrijheid van meningsuiting?
Authors: Veth, TJ
Keywords: meningsuiting
vrijheid
onrechtmatig
rechtmatig
Issue Date: 12-Jun-2008
Publisher: Open Universiteit Nederland
Abstract: Peter R. de Vries maakt met zijn programma gebruik van zijn vrijheid van meningsuiting. De Grondwet beschermt deze vrijheid in artikel 7. Ook internationale verdragen, bijvoorbeeld het EVRM2 in artikel 10, kennen deze bescherming. De vrijheid van meningsuiting is niet onbeperkt. De Grondwet kent deze vrijheid toe ‘behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet.’ Het EVRM stelt dat deze vrijheid plichten en verantwoordelijkheden met zich brengt en dat bij de wet voorziene beperkingen op de vrijheid van meningsuiting mogelijk zijn, bijvoorbeeld ter bescherming van de goede naam van anderen. Een bij de wet voorziene beperking op de vrijheid van meningsuiting is artikel 6:162 Burgerlijk Wetboek (BW), de bepaling over de onrechtmatige daad. Hij die jegens een ander een onrechtmatige daad pleegt, welke hem kan worden toegerekend, is verplicht de schade die de ander dientengevolge lijdt, te vergoeden, aldus artikel 6:162, eerste lid, BW. Een onrechtmatige daad is een inbreuk op een recht, een doen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht of een handelen in strijd met hetgeen volgens het ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt. Deze bepaling heeft als fundament van het aansprakelijkheidsrecht twee functies. In de eerste plaats geeft het de mogelijkheid om geleden schade te herstellen. In de tweede plaats beoogt het schade te voorkomen, bijvoorbeeld door het verbieden van een publicatie. Artikel 6:162 BW is een bepaling van burgerlijk recht. De vrijheid van meningsuiting is een grondrecht en grondrechten werken in beginsel alleen in de verhouding tussen overheid en burgers. Een verticale werking dus. Zoals gezegd in beginsel, want aangenomen wordt dat grondrechten ook horizontale werking hebben (tussen burgers onderling), bijvoorbeeld in de verhouding tussen De Vries en Van der Sloot. De Vries mag tegenover Van der Sloot gebruik maken van zijn vrijheid van meningsuiting behoudens zijn verantwoordelijkheid volgens de wet (zie de Grondwet) en met inachtneming van de plichten en verantwoordelijkheden die deze vrijheid met zich brengt (zie het EVRM). Heeft De Vries dit ook gedaan? Is de uitzending waarin de opnamen getoond zijn niet onrechtmatig tegenover Joran van der Sloot? Om het algemener te zeggen: hoe ver mag je gaan? Waar ligt de grens tussen het rechtmatig en het onrechtmatig gebruik maken van de vrijheid van meningsuiting? Die vraag staat centraal in deze scriptie. Het antwoord, zo zal blijken, is hoofdzakelijk te vinden in de jurisprudentie.
URI: http://hdl.handle.net/1820/1395
Appears in Collections:- School of Law MSc

Files in This Item:

File Description SizeFormat
RWTVeth12juni2008.pdf431.6 kBAdobe PDFView/Open
View Statistics

Items in DSpace are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.

 

Valid XHTML 1.0! Copyright © 2003 - 2010 Open Universiteit - Feedback