Open Universiteit
   About DSpace Software Open Universiteit border=

DSpace at Open Universiteit >
l. Master Thesis >
- School of Management >

Please use this identifier to cite or link to this item: http://hdl.handle.net/1820/1439

Title: Managementvaardigheden binnen de lokale Rabobank: Angelsaksisch of Rijnlands?
Other Titles: Een onderzoek naar het verschil in managementvaardigheden van een eindverantwoordelijke binnen kleine en grote lokale Rabobanken van het segment particulieren
Authors: Wondergem, WHR
Keywords: managementvaardigheden
denken
angelsaksisch
rijnlands
Issue Date: Feb-2008
Publisher: Open Universiteit Nederland
Abstract: De aanleiding van dit onderzoek is het boek Angelsaksen versus Rijnlanders van Brouwer en Moerman (2005). In dit boek zijn de verschillen weergegeven tussen het Rijnlandse denken en het Angelsaksische denken. Binnen Nederland is een verschuiving waarneembaar van het Rijnlandse model naar het Angelsaksische model. Deze stelling is onderbouwd door een studie van het IMD businessschool in Lausanne in hun Yearbook 2003. Deze stelling is alleen geldig voor ondernemingen die wereldwijd opereren. Het onderzoek is opgebouwd uit twee onderdelen. Het eerste onderdeel is een literatuuronderzoek naar de verschillen tussen het Rijnlandse en het Angelsaksische model. Het tweede onderdeel is het onderzoek naar de managementvaardigheden bij lokale Rabobanken. De doelstelling van het onderzoek is: Onderzoeken of er een verschil is in managementvaardigheden van een eindverantwoordelijke van het segment particulieren van een kleine en een grote lokale Rabobank op basis van het Angelsaksische en het Rijnlandse model. Onderzoeksvraag: Is er een verschil in managementvaardigheden van een eindverantwoordelijke voor het segment particulieren tussen grote lokale banken en kleine lokale banken op basis van het Rijnlandse model en het Angelsaksische model? Op basis van deze vraagstelling is in het literatuuronderzoek gedaan naar de verschillen tussen het Rijnlandse model en het Angelsaksische model in de literatuur. Het belangrijkste verschil is het uitgangspunt in motivatie. Het Rijnlandse model gaat uit van de intrinsieke motivatie van de medewerkers. Dit in tegenstelling tot het Angelsaksische model. Het Angelsaksische model gaat uit van extrinsieke motivatie van de medewerkers. In de literatuur is een koppeling gemaakt tussen het Rijnlandse en Angelsaksische model van Albert en het model van concurrerende waarde van Cameron en Quinn. Het Rijnlandse model is gekoppeld aan het familiekwadrant. Daarnaast is het Angelsaksische model gekoppeld aan het marktkwadrant. Op basis van de overeenkomsten van deze modellen kan het Management Skills Assesment Instrument van Cameron en Quinn gebruikt worden. Dit analysemodel kan op basis van het afnemen van een enquête de managementvaardigheden meten binnen een organisatie. Op basis van de uitkomsten wordt een organisatie binnen één van de kwadranten van het model van concurrerende waarden geplaatst. Dit analysemodel is wetenschappelijk verantwoord. Naast de markt en familiekwadrant heeft het model bovendien de hiërarchie en adhocratie kwadrant. Op basis van de literatuur zijn voor de middenmanagers managementvaardigheden geformuleerd. Deze zijn voor het Rijnlandse model: coaching/medewerker gericht/ ontwikkelen van anderen ,opbouwen en onderhouden van relaties, delegeren/samenwerken en Vakkundigheid. Voor het Angelsaksische model zijn deze: resultaatgericht of gedrevenheid, klantgerichtheid en commerciële vaardigheden, plannen en organiseren, besluitvaardig/daadkracht en impact en overtuigingskracht. In het empirisch onderzoek zijn de managementvaardigheden onderzocht bij de lokale Rabobank. Hierin is onderzoek gedaan bij de doelgroep eindverantwoordelijke binnen het segment particulieren. Daarnaast is er onderscheid gemaakt tussen een kleine en een grote lokale bank. De verwachting was dat een kleine lokale bank Rijnlands georiënteerd is. De verwachting bij een grote lokale bank was Angelsaksische georiënteerd. Er is een steekproef uitgevoerd bij 50 eindverantwoordelijken binnen het segment particulieren. De populatie bestaat uit 180 ten tijde van het onderzoek. Uit het onderzoek blijkt dat de eindverantwoordelijke het hoogste scoort in het kwadrant familie. Een belangrijke kanttekening hierbij is dat de enquête is ingevuld door de eindverantwoordelijke. Om een goed beeld te krijgen is een enquête bij de medewerkers noodzakelijk. Er kan geen uitspraken worden gedaan over het verschil in managementvaardigheden tussen kleine en grote lokale banken. De oorzaak hiervan is dat de onderzoeksgegevens niet buikbaar zijn. Dit komt doordat de onderzoeksresultaten niet significant zijn. Als gevolg hiervan worden de geformuleerde hypothesen verworpen.
URI: http://hdl.handle.net/1820/1439
Appears in Collections:- School of Management

Files in This Item:

File Description SizeFormat
MWWHRWondergemfebr2008.pdf311.7 kBAdobe PDFView/Open
View Statistics

Items in DSpace are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.

 

Valid XHTML 1.0! Copyright © 2003 - 2010 Open Universiteit - Feedback